Wil je als zzp'er een arbeidsongeschiktheidsverzekering afsluiten? Dan is de eerste vraag vaak: hoeveel AOV heb ik eigenlijk nodig?
Je hoeft niet automatisch je volledige inkomen te verzekeren. Bij het berekenen van je AOV kijk je vooral naar je noodzakelijke maandelijkse uitgaven, andere inkomsten, financiële buffer en de periode die je zelf kunt overbruggen.
De hoogte van de premie hangt vervolgens onder andere af van het verzekerde bedrag, je beroep, leeftijd en de gekozen wachttijd. KVK noemt deze factoren expliciet bij het bepalen van de kosten van een AOV.
AOV berekenen: begin met je maandelijkse behoefte
Een eenvoudige manier om je AOV te berekenen is:
Noodzakelijk maandinkomen − andere inkomsten = te verzekeren inkomen
Je begint dus niet bij je omzet, maar bij het bedrag dat je privé nodig hebt.
Denk aan:
- hypotheek of huur;
- boodschappen;
- energie;
- verzekeringen;
- vervoer;
- zorgkosten;
- belastingen;
- abonnementen;
- andere vaste lasten.
Voorbeeld
Stel dat je iedere maand €3.000 nodig hebt om je vaste lasten en levensonderhoud te betalen.
Je partner heeft €1.000 aan inkomen dat beschikbaar is voor de gezamenlijke huishouding.
Dan is je resterende inkomensbehoefte:
€3.000 − €1.000 = €2.000 per maand
Je kunt vervolgens onderzoeken of je ongeveer €2.000 per maand wilt verzekeren.
Dit is een vereenvoudigde berekening. De uiteindelijke keuze hangt ook af van je buffer, wachttijd en de voorwaarden van de verzekering.
AOV berekenen op basis van je inkomen
Je inkomen is een belangrijk uitgangspunt, maar het is niet automatisch gelijk aan het bedrag dat je moet verzekeren.
Stel dat je als zzp'er gemiddeld €5.000 per maand verdient.
Dat betekent niet automatisch dat je een AOV van €5.000 per maand nodig hebt.
Misschien heb je bijvoorbeeld:
- €2.800 aan noodzakelijke privé-uitgaven;
- €500 andere inkomsten;
- €20.000 spaargeld.
Dan kan je daadwerkelijke behoefte aan verzekerde inkomensbescherming aanzienlijk lager zijn dan €5.000 per maand.
Een hoger verzekerd bedrag betekent bovendien doorgaans een hogere premie.
Omzet is niet hetzelfde als inkomen
Let goed op het verschil tussen omzet en inkomen.
Stel:
- omzet: €8.000 per maand;
- zakelijke kosten: €2.000 per maand.
Dan blijft er €6.000 over vóór belastingen en andere reserveringen.
Je kunt dus niet simpelweg zeggen:
€8.000 omzet = €8.000 AOV
Je AOV moet aansluiten bij het inkomen dat je wilt beschermen en de financiële behoefte die ontstaat als je niet meer kunt werken.
Voor een eerste berekening zijn je persoonlijke uitgaven daarom vaak een nuttiger uitgangspunt dan je omzet.
AOV berekenen in 5 stappen
Je kunt je benodigde AOV-bedrag grofweg in vijf stappen berekenen.
Stap 1: bereken je noodzakelijke maanduitgaven
Maak een overzicht van wat je iedere maand minimaal nodig hebt.
Bijvoorbeeld:
| Uitgave | Bedrag |
|---|---|
| Hypotheek/huur | €1.200 |
| Boodschappen | €500 |
| Energie | €200 |
| Verzekeringen | €200 |
| Auto/vervoer | €300 |
| Overige vaste lasten | €300 |
| Totaal | €2.700 |
Je noodzakelijke maandelijkse behoefte is in dit voorbeeld €2.700.
Stap 2: trek andere inkomsten af
Heb je andere structurele inkomsten?
Bijvoorbeeld €700 per maand.
Dan:
€2.700 − €700 = €2.000
Je moet dan ongeveer €2.000 aan inkomen opvangen.
Stap 3: kijk naar je financiële buffer
Je spaargeld kan een deel van het risico opvangen.
Heb je bijvoorbeeld €30.000 beschikbaar, dan kun je ervoor kiezen om niet ieder tijdelijk inkomensverlies volledig te verzekeren.
Een grotere buffer kan ook betekenen dat je voor een langere wachttijd kunt kiezen.
KVK noemt je financiële buffer expliciet als één van de factoren bij de keuze voor een AOV.
Stap 4: kies je wachttijd
De wachttijd is de periode waarin je na arbeidsongeschiktheid nog geen AOV-uitkering ontvangt.
Een langere wachttijd betekent doorgaans een lagere premie.
Bijvoorbeeld:
| Wachttijd | Wat betekent dit? |
|---|---|
| 1 maand | Eerste maand zelf opvangen |
| 3 maanden | Eerste 3 maanden zelf opvangen |
| 6 maanden | Eerste halfjaar zelf opvangen |
| 12 maanden | Eerste jaar zelf opvangen |
| 24 maanden | Eerste 2 jaar zelf opvangen |
Hoe langer de wachttijd, hoe belangrijker je financiële buffer wordt.
Lees ook:
Stap 5: bereken wat je wilt verzekeren
Je hebt nu een beeld van:
- je noodzakelijke inkomen;
- andere inkomsten;
- je buffer;
- je gewenste wachttijd.
Daarmee kun je bepalen welk maandbedrag je ongeveer wilt verzekeren.
AOV premie berekenen
Naast het verzekerde bedrag wil je natuurlijk weten wat de AOV gaat kosten.
Er is geen algemene formule waarmee je voor iedere zzp'er exact de premie kunt berekenen.
De premie wordt onder andere beïnvloed door:
- je leeftijd;
- je beroep;
- het verzekerde bedrag;
- de wachttijd;
- de looptijd;
- de uitkeringsduur;
- de gekozen voorwaarden.
KVK geeft aan dat een AOV vaak ongeveer €100 tot €300 per maand kost, maar benadrukt dat de premie per ondernemer verschilt.
Een offerte of premieberekening van een specifieke verzekeraar is daarom nodig om je daadwerkelijke premie te kennen.
Lees ook: Wat kost een AOV voor zzp'ers?
Voorbeeld: AOV berekenen voor een zzp'er
Stel dat je situatie als volgt is:
- inkomen: €4.500 per maand;
- noodzakelijke privé-uitgaven: €2.700;
- andere inkomsten: €500;
- spaargeld: €15.000;
- gewenste wachttijd: 6 maanden.
Stap 1: inkomensbehoefte
€2.700 − €500 = €2.200
Je hebt in dit voorbeeld ongeveer €2.200 per maand nodig bovenop je andere inkomsten.
Stap 2: wachttijd
Bij een wachttijd van 6 maanden moet je de eerste periode zelf kunnen opvangen.
€2.200 × 6 = €13.200
Je zou dus ongeveer €13.200 nodig hebben om zes maanden lang alleen deze inkomensbehoefte op te vangen.
Met €15.000 spaargeld lijkt dat op papier mogelijk.
Stap 3: verzekerd bedrag
Je kunt vervolgens bijvoorbeeld een AOV met een maandelijkse uitkering rond €2.200 onderzoeken.
Of je uiteindelijk precies €2.200 verzekert, hangt af van de beschikbare producten en je eigen voorkeuren.
AOV berekenen bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid
Een AOV hoeft niet alleen relevant te zijn wanneer je helemaal niet meer kunt werken.
Bij sommige verzekeringen kun je ook bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid een uitkering ontvangen. De precieze voorwaarden verschillen per polis.
Dat is belangrijk bij het vergelijken van AOV's.
Twee verzekeringen kunnen bijvoorbeeld hetzelfde maximale maandbedrag hebben, maar verschillende voorwaarden voor gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
Kijk daarom bij een premieberekening niet alleen naar de goedkoopste premie.
AOV berekenen voor een starter
Als startende zzp'er heb je vaak nog geen stabiel inkomen.
Je kunt dan beginnen met je verwachte maandelijkse financiële behoefte.
Kijk naar:
- je huidige vaste lasten;
- je verwachte inkomen;
- je spaargeld;
- eventuele inkomsten van je partner;
- je gewenste levensstandaard;
- hoeveel risico je zelf wilt dragen.
Je kunt je AOV later opnieuw beoordelen wanneer je inkomen en financiële situatie veranderen.
Lees ook:
AOV berekenen met een wisselend inkomen
Verdien je als zzp'er niet iedere maand hetzelfde? Dan kun je beter naar je gemiddelde financiële situatie kijken dan naar één uitzonderlijk goede maand.
Stel dat je inkomen in de afgelopen jaren ongeveer tussen €3.000 en €5.500 per maand lag.
Kijk dan bijvoorbeeld naar:
- je gemiddelde inkomen;
- je gemiddelde vaste lasten;
- je laagste normale maandinkomen;
- je financiële buffer.
Je hoeft je AOV niet per se af te stemmen op je beste maand.
Hoeveel AOV heb ik nodig?
Een praktische berekening is:
Noodzakelijke maanduitgaven
− andere structurele inkomsten
= bedrag dat je moet opvangen
Daarna bepaal je hoeveel van dat bedrag je zelf wilt dragen.
Bijvoorbeeld:
€3.000 noodzakelijke uitgaven
− €750 andere inkomsten
= €2.250
Je zou vervolgens kunnen onderzoeken of een AOV van ongeveer €2.250 per maand passend is.
Heb je een grote buffer, dan kun je er ook voor kiezen om minder te verzekeren of een langere wachttijd te nemen.
Heb je weinig buffer, dan kan juist een groter verzekerd bedrag of kortere wachttijd relevant zijn.
Voor een uitgebreidere uitleg:
Hoeveel AOV heb ik nodig als zzp'er?
AOV berekenen en je financiële buffer
Je AOV is niet de enige manier om je inkomen te beschermen.
Je kunt het risico verdelen over:
- AOV;
- spaargeld;
- inkomen van je partner;
- een schenkkring;
- crowdsurance;
- andere voorzieningen.
De Rijksoverheid noemt bijvoorbeeld sparen, een particuliere AOV en een broodfonds als manieren waarop zelfstandigen zich tegen inkomensverlies door arbeidsongeschiktheid kunnen beschermen.
Je hoeft dus niet noodzakelijk ieder risico volledig met een AOV te verzekeren.
AOV berekenen: wat als je een hypotheek hebt?
Heb je een hypotheek, dan moet je maandelijkse woonlast onderdeel zijn van je berekening.
Stel:
- hypotheek: €1.300;
- overige noodzakelijke uitgaven: €1.700;
- totale behoefte: €3.000.
Als je partner €1.000 per maand bijdraagt, resteert:
€3.000 − €1.000 = €2.000
Je kunt dan onderzoeken of je ongeveer €2.000 aan inkomen wilt verzekeren.
Een hypotheek maakt het extra belangrijk om te kijken naar de gevolgen van langdurig inkomensverlies. De hypotheeklast loopt immers door terwijl je inkomen kan wegvallen.
AOV berekenen: wat gebeurt er met de premie?
Een hoger verzekerd bedrag betekent doorgaans een hogere premie.
Ook een kortere wachttijd kan de premie verhogen. Een langere wachttijd kan de premie juist verlagen.
Daarom kun je verschillende scenario's naast elkaar zetten.
Scenario A: meer verzekeren
- hogere maandelijkse uitkering;
- kortere wachttijd;
- hogere premie;
- minder risico zelf dragen.
Scenario B: minder verzekeren
- lagere maandelijkse uitkering;
- eventueel langere wachttijd;
- lagere premie;
- groter deel van het risico zelf dragen.
De goedkoopste AOV is daarom niet automatisch de verzekering die het beste aansluit op je financiële situatie.
AOV berekenen en de verplichte AOV
Op dit moment is een AOV voor ondernemers nog niet verplicht. Er ligt wel een wetsvoorstel voor een Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen (BAZ). De precieze regels en invoeringsdatum zijn nog niet definitief. KVK verwacht momenteel invoering rond 2030.
Volgens het huidige voorstel zou de BAZ een premie van 5,4% van de winst krijgen, met een maximum van ongeveer €171 bruto per maand. De voorgestelde uitkering bedraagt 70% van het inkomen vóór arbeidsongeschiktheid, tot maximaal het minimumloon. Ook is een wachttijd van twee jaar voorgesteld. Deze bedragen en regels kunnen nog veranderen.
Meer hierover:
Bereken je AOV met de FactuurBaas AOV-tool
Wil je snel berekenen hoeveel inkomen je ongeveer wilt beschermen?
Gebruik dan de AOV-tool voor zzp'ers van FactuurBaas.
Je kunt daar je eigen situatie als uitgangspunt nemen in plaats van uit te gaan van een standaardbedrag.
Denk daarbij aan:
- je maandelijkse uitgaven;
- je gewenste inkomen;
- je financiële buffer;
- je wachttijd;
- je andere inkomsten.
Conclusie
Een AOV berekenen voor zzp'ers begint niet bij de vraag hoeveel je verdient, maar bij de vraag hoeveel inkomen je nodig hebt als je niet meer kunt werken.
Bereken daarom eerst:
Noodzakelijke maanduitgaven − andere inkomsten = inkomensbehoefte
Kijk daarna naar je financiële buffer en bepaal hoeveel risico je zelf wilt dragen. Vervolgens kun je een verzekerd bedrag en wachttijd kiezen die daarbij aansluiten.
Wil je het zelf berekenen? Gebruik dan de AOV-tool van FactuurBaas.
Lees ook:
- Hoeveel AOV heb ik nodig als zzp'er?
- Arbeidsongeschiktheidsverzekering zzp: heb je die nodig?
- Wat kost een AOV voor zzp'ers?
- AOV met korte wachttijd
- AOV met lange wachttijd
Dit artikel is algemene informatie en geen verzekerings- of fiscaal advies.




